"Feminism is
the radical notion
that women are people"
Cheris Kramarae - Paula Treichler

Wat is feminisme
Historiek van feminisme(s)
Feministische theorie
Feministische stromingen
Derde golf
In de RoSa bibliotheek

Wat is feminisme?

Een eensluidende definitie van feminisme vinden is bijna onmogelijk. Elk woordenboek of naslagwerk zal verschillende aspecten benadrukken. Een omschrijving die geen tekort doet aan de talrijke variaties binnen het feminisme blijft noodzakelijkerwijze vaag. Wij houden het op de definitie uit de Vrouwenthesaurus (Drenthe Gusta, Vrouwenthesaurus, Amsterdam: IIAV, 1992. p.35)

Feminisme

  1. Algemene aanduiding voor zowel een politieke, sociale beweging als wereldbeschouwing waarin de ongelijke (machts)verhoudingen tussen vrouwen en mannen bekritiseerd wordt; het feminisme vormt als dusdanig de inspiratiebron voor vrouwenstudies.
  2. Het woord ‘feminisme’ is eind negentiende eeuw geïntroduceerd en heeft in verschillende historische perioden andere betekenissen gehad; gemeenschappelijk is de herwaardering van de ervaringen en de cultuur van vrouwen.

Over één zaak zijn de meeste theoretici het eens: we kunnen niet echt spreken over hèt feminisme, maar beter over verschillende feminismes. Elke stroming heeft zo haar eigen accenten en actiepunten. Al is een rigide scheiding ook hier niet mogelijk. De verschillende feministische stromingen lopen soms naadloos in elkaar over, terwijl andere juist onverzoenlijke verschillen vertonen. Altijd staan ze in dialectische relatie tot elkaar. Feministische ideologieën ontstaan uit reactie tegen en interactie met andere, al dan niet feministische, ideologieën. Hierna volgt een overzicht van de stromingen binnen de drie golven van het feminisme in de westerse wereld. Vele van de ideeën die aan de oorsprong liggen van de stromingen vinden we eerst terug in Amerikaanse of Britse geschriften. De tijdsaanduidingen zijn dan ook erg relatief. In Vlaanderen bijvoorbeeld, vinden de meeste stromingen enkele jaren later ingang dan de data hier vermeld.

overzicht

Historiek van feminisme(s) in de westerse wereld

Alhoewel er al veel eerder gesproken wordt over ‘vrouwen’ in termen van een aparte sociale groep met een bepaalde (ongelijke) status, komt de term ‘feminisme’ pas voor vanaf het einde van de 19e eeuw. Het benoemen van het fenomeen wijst vooral op het ontstaan van een grotere, georganiseerde beweging.
De opkomst van feministisch activisme gaat meestal gepaard met sociale en/of politieke veranderingen, met sleutelmomenten in de geschiedenis van groepen mensen. Mary Wollstonecraft ’s  ‘A vindication of the rights of Woman’ van 1792 wordt traditioneel gezien als het eerste feministische pleidooi. Niet toevallig vond deze eerste ‘opstoot’ van het feminisme plaats onder invloed van de Franse revolutie.

De geschiedenis van het (westers) feminisme wordt doorgaans ingedeeld in golven. Tijdens de eerste golf (eind 19 eeuw, begin 20ste eeuw) kunnen we nog spreken van een gemeenschappelijke agenda. Vrouwenbewegingen van de eerste golf zetten zich vooral in voor de rechten van de vrouw als politiek/publiek individu. Zowel in Amerika als in Europa komen vrouwen op straat met de eis voor stemrecht.
Na de gemeenschappelijke strijd voor stemrecht, evolueren vrouwenbewegingen vanaf de jaren ’20 van de vorige eeuw in verschillende richtingen. Verschillende thema’s worden op de voorgrond geschoven: armoede, politieke opvoeding van vrouwen, gelijke rechten, antifascisme en dergelijke. Geleidelijk aan ontstaan er tegenstellingen. Zo zetten sommige vrouwenorganisaties zich in voor de afschaffing van protectionistische wetten, terwijl anderen juist ijveren voor het invoeren van een huishoudloon. Sommige feministen waren overtuigde pacifisten, terwijl anderen ook geweld durfden inzetten, bijvoorbeeld in de strijd tegen het fascisme.

Tijdens de tweede golf (vanaf jaren ’60) breiden de thema’s van vrouwenorganisaties nog verder uit: naast strikt juridische en/of politieke rechten, wordt er veel aandacht besteed aan seksualiteit en mentaliteitswijzigingen. Er ontstaan veel verschillende groepen en groepjes met eigen accenten. De gemeenschappelijke noemer blijft steeds de strijd tegen elke vorm van ongelijkheid. Kenmerkend voor vrouwenbewegingen is dat zij solidair zijn met andere bewegingen: de strijd van etnische minderheden, sociale bewegingen, vredesbeweging, milieubeweging en homobeweging.

overzicht

De feministische theorie

Een belangrijk aspect van de tweede golf is het ontstaan van de feministische theorie die traditionele (lees: mannelijke) manieren van theorievorming uitdaagt. In de stromingen van de tweede golf gaan theorie en actie steeds meer hand in hand. De feministische theorie kent evenveel varianten als er actiegroepen zijn. Er wordt echter uitgegaan van een aantal fundamentele basisprincipes:

  1. Gender is een sociale constructie die vrouwen meer onderdrukt dan mannen.
  2. De constructies van gender worden bepaald door de patriarchale maatschappij.
  3. De ervaringen van vrouwen vormt de beste bron van kennis voor het bouwen aan een niet-seksistische toekomst.

De feministische theorie heeft een dubbele functie: in de eerste plaats is er de kritische taak: het aan de kaak stellen van gender stereotypen. Daarnaast heeft ze ook een constructieve taak: het aanreiken van alternatieve modellen.

overzicht

Feministische stromingen

Vanaf de jaren ’70 is er sprake van verschillende stromingen binnen het feminisme. Elk historisch overzicht moet echter genuanceerd worden. De verschillende golven en stromingen zijn niet zo strikt gescheiden. Het spreekt voor zich dat er veel meer overlappingen en nuances zijn dan onderstaand overzicht laat uitschijnen.
Veel feministen leggen een hele weg af, een groeiproces van de ene stroming naar de andere, sommige ideeën worden meegenomen, andere achterwege gelaten. De verschillende stromingen kunnen min of meer met elkaar in oppositie staan, of in elkaar overvloeien.

Liberaal Feminisme

Het liberaal feminisme, soms ook wel ‘gelijke rechten’ feminisme genoemd, is gegroeid vanuit de liberale principes van individuele vrijheid en gelijke rechten. Geïnspireerd door het 18e eeuwse verlichtingsdenken, wordt er geijverd voor gelijke politieke, juridische en economische rechten voor vrouwen: recht op onderwijs, recht op werk en vooral het recht op volwaardig burgerschap. Het activisme is vooral gericht op het aanpakken van structurele ongelijkheden.
De liberale feministische ideologie kende haar hoogtepunt in de eerste golf. In de tweede golf komt er meer en meer kritiek op de mogelijkheden van het liberaal feminisme dat al bij al een gematigd conservatief standpunt inneemt wat betreft het ideaal van het gezin en de rol van de vrouw hierin.

Belangrijke namen: John Stuart Mill, Mary Astell, Olympe de Gouges, Mary Wollstonecraft, Harriet Taylor, Luise Otto-Peters, Anna Mozzoni.

Marxistisch Feminisme

Het marxistisch feminisme onderzoek het verband tussen het patriarchaat en het kapitalisme. Ze onderzoekt of vrouwen een ‘sexe’ klasse zijn.
Het marxisme ziet onderdrukking als een systeem dat ingebouwd is in de organisatie van de samenleving. Deze visie heeft als belangrijk gevolg dat sociale verandering mogelijk is. Vandaar de aantrekkingskracht voor het feminisme: de onderdrukking van de vrouw is een sociale constructie, niet een natuurlijk gegeven. De omverwerping van die constructie is bijgevolg mogelijk.
Toch blijft de verhouding marxisme - feminisme moeilijk. Het marxisme legt kapitalistische klasse-relaties bloot. De onderdrukking van de arbeidersklasse is een rechtstreeks gevolg van de economische principes van het kapitalisme. Dit is niet zomaar door te trekken naar de klasse ‘vrouwen’. Er ontstaat een heftig feministisch debat rond de relatie patriarchaat - kapitalisme en welke van die twee aan de oorsprong ligt van de onderdrukking van de vrouw. (Andere essentiële discussiepunten zijn: de rol van het huishoudwerk en de betekenis van de reproductieve taak van vrouwen.)
De doodsteek voor het marxistisch feminisme is het uitblijven van een antwoord op de vraag: waarom worden mannen en vrouwen niet in gelijke mate geëxploiteerd door de kapitalistische economie?
Vanaf de jaren ’80 verschuift de aandacht dan ook van economie naar psychoanalyse, linguïstiek en semiotiek: het postmodernistisch feminisme is geboren.

Belangrijke namen: Clara Zetkin; Alexandra Kollontai, Shulamith Firestone; Christine Delphy; Sheila Rowbotham; Juliet Mitchell.

Radicaal Feminisme

Het radicaal feminisme gaat er van uit dat seksualiteit en (mannelijk) geweld aan de basis liggen van de vrouwenonderdrukking (en dus niet wettelijke of economische ongelijkheid).
Fundament van de radicaal feministische ideologie is de verhouding tussen de micropolitiek van het dagelijkse leven en de macropolitiek van het kapitalistisch patriarchaat. Het verband tussen beiden wordt volgens radicaal feministen gevormd door het onderdrukkend gedrag van mannen waardoor stereotypen worden opgedrongen aan vrouwen.
Radicaal feministisch activisme wordt gekenmerkt door een grote eenheid tussen theorie en praktijk. De theorie vertrekt vanuit de praktijk van mensenlevens. ‘Het persoonlijke is politiek’ staat centraal, veranderingen moeten gebeuren in de schoot van het dagdagelijkse, in de kleine revoluties van het hier en nu.
Radicaal feminisme wordt vaak verward met lesbisch separatisme. Beide stromingen zijn sterk met elkaar verwant, maar kunnen toch niet helemaal gelijkgesteld worden. Niet alle radicaal feministen zien lesbische seksualiteit als enig alternatief.

Belangrijke namen: Gail Chester; Adrienne Rich.

Cultureel Feminisme

Cultureel feministen geloven dat emancipatie van de vrouw ligt in een alternatieve vrouwencultuur.
Het is gegroeid vanuit het verwerpen van de westerse cultuur waarin geen plaats meer is voor eigen vrouwelijke ruimte. Het westers ideaal van de man-vrouwrelatie op basis van gelijkheid gaat volgens cultureel feministen gepaard met de ontkenning van de relaties tussen vrouwen onderling.
Basisprincipes van het cultureel feminisme zijn essentialisme, de opvatting dat er onveranderlijke verschillen naar ‘aard’ of ‘natuur’ bestaan tussen vrouwen en mannen, separatisme en de nadruk op een alternatieve cultuur.
Het cultureel feminisme heeft mede de impuls gegeven aan het ontstaan van een vrouwelijke cultuur: de vrouwenboekhandels, feministische poëzie en theater, etc...
Vaak vereenzelvigd met het cultureel feminisme is het lesbisch feminisme : het geloof dat er een verband bestaat tussen seksuele en/of gevoelsmatige aantrekkingkracht tot vrouwen en het verwerpen van de patriarchale dominantie.

Postmodern Feminisme

Vanaf de jaren ’90 komen alle grote ideologieën onder druk te staan door het postmodernisme. Grote verdienste van het postmodernisme is de deconstructie van dé waarheid. Het legt de nadruk op de subjectiviteit, op de maakbaarheid van kennis, waarheid, kunst, noem maar op. Het etnoheterocentrisme van de westerse samenleving wordt hierdoor genadeloos blootgelegd
De aantrekkingskracht voor het feminisme is evident: ‘sekse’ en ‘vrouwen’ als universele categorieën komen onder druk te staan, hun historisch en cultureel variabele aard komt bovendrijven. Het feminisme had altijd al een postmoderne kern avant la lettre. Het vestigde de aandacht op het feit dat vrouwen steeds de ‘andere’ vormen in het moderne, verlichte discours en legde hierdoor bloot dat de objectieve waarheid van de verlichte burger uitgaat van het perspectief van de blanke, middenklasse man. De nadruk op de maakbaarheid van categorieën vinden we al terug bij Simone de Beauvoir: de vrouw wordt gemaakt  en niet geboren. De nadruk op verscheidenheid werd binnen het feminisme al gevoed door de kritiek van black feminism4.
Het postmodernisme zorgt echter ook voor problemen: ‘het grote verhaal’ is ontmaskerd, maar hoe de talrijke ‘kleine verhalen’ samenbrengen in een gemeenschappelijke strijd? Kern van het feminisme is het (politiek) activisme: de strijd voor gelijke rechten en dus een strijd in termen van het modern verlicht discours. Hoe kan activisme nog zin hebben nu de waarheid van dit discours zoek is?
Een mogelijke houding is het verwerpen van de verlichte idealen: over welke gelijkheid gaat het in feite en met wie?
Een andere, meer gematigde houding is het streven naar gelijkheid met respect voor de onderlinge verscheidenheid.

Belangrijke namen: Julia Kristeva, Judith Butler, Linda Hutcheon, Hélène Cixous, Rosi Braidotti, Donna Harraway.

Anarchistisch Feminisme

Fundament van het anarchistisch feminisme is het geloof dat de emancipatie van de vrouw niet gerealiseerd kan worden via de overheid en zijn instellingen (wetten, structurele maatregelen) maar enkel door directe actie van vrouwen.
Ze uiten bijvoorbeeld kritiek op de strijd voor stemrecht: het stemrecht bracht mannen geen vrijheid en zal dat voor vrouwen ook niet doen.
Anarchistische feministen wantrouwen sociale structuren als hiërarchie en dominantie en leggen sterk de nadruk op vrijheid, individualiteit en spontaneïteit. Ze ijveren voor schaalverkleining en anti-autoritaire projecten en pakken die thema’s aan die onmiddellijk effect hebben op vrouwenlevens: kinderopvang, gezondheid en seksualiteit. Binnen het feministisch activisme waren zij pioniers in de strijd voor seksuele bevrijding en abortus.

Belangrijke namen: Emma Goldman

overzicht

Derde golf

De term ‘derde golf’ duikt op vanaf de jaren ’80 en breekt door in de jaren ’90, vooral in Groot Brittannië en de VS. Derde golf feminisme is een heel diverse beweging. We kunnen niet echt meer spreken van stromingen, grote categorieën zijn nog veel problematischer. De reden hiervoor is dubbel. Ten eerste is er nog onvoldoende historische afstand om een duidelijk beeld te schetsen. Ten tweede lijken de hoogdagen van het (collectief) activisme voorbij. Tendensen binnen de derde golf zijn sowieso fel gefragmenteerd, zonder duidelijke agenda en met sterke nadruk op individualiteit. Niet voor niets spreekt men ook wel eens van DIY (Do it yourself) feminisme, generation X feminisme of new feminism. De derde golfers hebben aandacht voor een veelheid aan topics, er zijn geen eenduidige gemeenschappelijke kenmerken. Behalve misschien het zich afzetten tegen de tweede golf. Vele jonge feministen keren zich tegen de ‘rigide ideologie’ van de tweede golf generatie. Zij willen niet voorgeschreven krijgen hoe een feministe hoort te zijn, maar er zelf een individuele invulling aan geven. Het is een feminisme ‘lodged in our hearts and minds’ (Natasha Walter, ‘New feminism’) We geven hieronder enkele tendensen weer.

Namen: Natasha Walter, Rebecca Walker, Catherine Orr, Noami Wolf, Susan Faludi

Cyberfeminisme

Cyberfeministen geloven in de emancipatie van de vrouw door middel van techniek en nieuwe media. In de internetcultuur zien zij een media/communicatiemiddel die op het lijf van vrouwen geschreven is. Cyberfeministen spelen met grenzen (natuur/cultuur, man/ vrouw, realiteit/virtualiteit) en identiteiten en hopen zo patriarchale structuren onderuit te halen.
Namen : Donna Harraway, Sadie Plant.

Grrls

Ook de grrls zijn gegroeid vanuit de webcultuur. De cybergrrl en de geekgrrl zijn geuzennamen voor de zogenaamde kneusjes: meisjes die zich bezig houden met techniek. De titel ‘grrl’ werd door een aantal bewegingen overgenomen (vb. de riotgrrls in de muziekwereld). Telkens gaat het om zelfbewuste jonge vrouwen die weigeren zich te buigen naar een door de maatschappij gedicteerde rol. De grrls gaan op een ironische manier om met identiteit en dragen telkens een sfeertje van rebelsheid met zich mee.

Ecofeminisme

Ecofeministen leggen de link tussen de vrouwenbeweging en de ecologische beweging vanuit de overtuiging dat er een gelijkaardig principe in werking is bij de verwaarlozing van de aarde en onderdrukking van de vrouw. Zij stellen het dualisme natuur-cultuur in vraag en streven naar een harmoniemodel waarbij de nadruk wordt gelegd op de onderlinge verbondenheid van de elementen. Het ecofeminisme heeft vertakkingen naar het christenfeminisme waarbinnen het de vorm krijgt van reflectie over de zorg voor de aarde en de natuur als godsschepping, spiritualiteit (godinnencultus) en dierenrechtenactivisme.
Namen: Vandana Shiva, Maria Mies.

Postfeminisme

Van postfeminisme stellen veel feministen zich de vraag of het nog wel feminisme is. Het is geen georganiseerde beweging. De namen verbonden met het postfeminisme zijn individuen die niet aan een gemeenschappelijk project werken. Postfeminisme is volgens velen vooral een uitvinding van de media en reclamewereld die vrijgevochten, ‘postfeministische’ vrouwbeelden gebruiken om hun producten aan de vrouw/man te brengen. Het legt de nadruk op het reclaimen van de vrouwelijke seksualiteit, van het recht op ‘sexy zijn’. In tegenstelling tot andere feministische stromingen komen er geen nadrukkelijk maatschappelijke (politieke) thema’s aan bod. Het is een feminisme verteerbaar voor iedereen.
Postfeministische iconen zijn een beetje blasé: ‘wij zijn het feminisme voorbij’.  Typische postfeministische (vaak fictieve!) iconen zijn sterke, economisch onafhankelijke, sexy vrouwen als Madonna, Ally McBeal, Bridget Jones en co. Het fenomeen postfeminisme wordt beschreven in Susan Faludi’s Backlash en in Noami Wolf’s Beauty Myth.
Namen: Camille Paglia, Kate Roiphe, Rene Denfield.

overzicht

Samenstelling: Mieke Maerten

Eerder gepubliceerd als RoSa Factsheet nr 14 - pdf , juli 2002.


Meer

Aanraders uit de RoSa-bibliotheek

  • Feminist consequences: theory for the new century / Elisabeth Bronfen (ed.),2001 - RoSa ex.nr.: FII p/0240
  • Routledge international encyclopedia of women: global women’s issues and knowledge: volume 1- 4 / Cheris Kramarae (ed.), 2000 - RoSa ex.nr.: V3/0316
  • What is feminism? : an introduction to feminist theory / Chris Beasley, 1999 - RoSa ex.nr.: FII a/0700
  • Contemporary feminist theory: a text/ reader / Mary F Rogers,1998 - RoSa ex.nr.: FII p/0110
  • Feminisms / Sandra Kemp (ed.), 1997 - RoSa ex.nr.: FII p/0112
  • The Second Wave. A Reader in Feminist Theory / Linda Nicholson (ed.), 1996 - RoSa ex.nr.: FII a/0653
  • Feminist theory today: an introduction to second-wave feminism / Judith Evans, 1995 - RoSa ex.nr.: FII a/0594
  • Modern Feminist Thought / Imelda Whelehan, 1995 - RoSa ex.nr.: FII a/0592
  • Vrouwenthesaurus. IIAV, 1992.

Zoek verder via de RoSa-catalogus

Algemene werken rond feminisme vind je door de combinatie van de trefwoorden: feminisme en theorieën. Indien je meer wil lezen rond een bepaalde stroming, kan je in de eerste plaats de vermelde auteurs gaan lezen. De meeste stromingen kunnen echter ook als trefwoord ingevoerd worden in de catalogus van de RoSa-bibliotheek.

Op RoSa-site

Het Geheugen:

Eerste golf
Tweede golf

RoSa Factsheets:

Feminisme in Afrika -pdf
Feminisme in Midden-Oosten - pdf
Feminisme in Latijns-Amerika en Caraïben - pdf
Feminisme in Zuid-Azië - pdf

Heulen met de vijand: Mannen en de vrouwenbeweging- pdf